Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Gravelen in het mekka van de mountainbike

Gravel is zonder twijfel een blijver. Als gevolg daarvan zagen de Yuzzu Gravel Series het levenslicht. Dat is een reeks van vier kwalitatieve graveltochten verspreid over België. Op 29 en 30 mei werd in Houffalize de spits afgebeten, en daar moesten we dus bij zijn.

Op zondagochtend om 5.30 uur zet ik na een licht ontbijt en met een halve slaapkop koers richting Houffalize. De rit naar het Belgische mekka van de mountainbikewereld duurt een kleine twee uur, en starten kan al vanaf 7 uur. Op de achterbank van mijn wagen ligt geen gravelbike. Het exemplaar waar ik momenteel over beschik, is voorzien van slechts 35 millimeter brede gravelbanden. De streek rond Houffalize kennende, is dat niet het beste gedacht. Daarom gaat de mountainbike mee.

Het format

Omdat we op heden nog steeds in de ‘je-weet-wel’-pandemie verkeren, vertrekken alle deelnemers in verschillende tijdssloten en is er een capaciteitsbeperking ingevoerd. Dat heeft als voordeel dat ik lekker vroeg kan starten, zodat ik mogelijks nog tijdig thuis ben voor het verjaardagsfeestje van mijn neefjes. Desnoods kan ik nog kiezen voor de 70 kilometer in plaats van de 95 kilometer. Ook het parcours van 45 kilometer biedt een mooie gelegenheid om kennis te maken met het Ardeense gravelwerk. Voor mij is het echter tegen mijn persoonlijke principes om langer in de wagen te zitten dan op de fiets, en dus zie ik het groter.

Bekend terrein

Met de ervaring van onder andere de La Chouffe Classic navigeer ik blindelings mijn wagen naar de deelnemersparking vlak naast de snelweg. Tijdens de drie kilometer lange duik naar de sporthal aan de startplaats is het bijtrappen geblazen. Ondanks mouwstukken en een bodywarmer is het nog een frisse ochtend in Houffalize. Maar wel helder en zonnig. Typisch zo’n ochtend waarop je weet dat het een geweldige fietsdag gaat worden. Heerlijk toch?

Saint-Roch, de smeerlap

Aan de start nog even het nummerbordje bevestigen, een coronaproof bevoorradingspakket aannemen en mijn bidon laten vullen met de isotone sportdrank van 6D. Agrumsmaak, voor de geïnteresseerden. Ondanks dat de organisatie voor alle afstanden een GPX-bestand aanbiedt, besluit ik om nog eens op de ouderwetse manier te rijden. Gewoon pijltjes volgen zorgt ervoor dat je meer met de omgeving bezig bent dan wanneer je constant op je schermpje zit te kijken. Aan mijn theewater voel ik echter al snel welke richting het opgaat. Via een klein ommetje belandt het parcours onderaan de Rue Saint-Roch. Voor wie hier al eens kwam, behoeft die straatnaam geen verdere uitleg. Een ‘mottig’ ding waarbij binnen één kilometer meer dan 100 hoogtemeters overwonnen worden, waarvan de steilste honderd meter vlotjes boven de 16 procent. De bordjes waarmee de resterende lengte van de klim aangegeven wordt, helpen niet echt. Enige voordeel is dat mijn temperatuurprobleem van een paar minuten eerder eensklaps van tafel geveegd wordt.

Als een achtbaan

De Saint-Roch is het toonbeeld van hoe de route opgebouwd is. Doorgaans uit goed berijdbare klimmen, al dan niet pittig en steil, die je in sneltempo omhoog brengen. Om vervolgens vliegensvlug en met de nodige dosis plezier jezelf opnieuw richting dal te gooien. Vergelijk het gerust met een achtbaan in een pretpark.
Van de Yuzzu Series moet deze eerste tocht op fysiek en technisch vlak ongetwijfeld de meest uitdagende zijn. Van een opener gesproken. Toen God de fietstechniek uitdeelde, durfde ik blijkbaar al niet mee te drummen om een deeltje te bemachtigen. En dus ben ik eigenlijk blij dat ik mijn mountainbike van stal heb gehaald. Die is in de technische afdalingen vergeeflijker.
Dat ik op de glooiende tussenstukken terrein moet prijsgeven, neem ik er graag bij. Dankzij het gelimiteerde aantal deelnemers en de verkeersluwe wegen is het trouwens echt genieten van de rust en de stilte. Hier en daar een verdwaalde wandelaar en af en toe een mededeelnemer. Om de sporadische koe-op-de-rijweg niet te vergeten. Ook dat zijn de Ardennen.

Genieten van het uitzicht

Veel leutiger dan de aftellende bordjes op de Saint-Roch is de herinnering “don’t forget to enjoy the view” ergens op een heuvelrug in het hol van Pluto. Net daar zit misschien het grootste verschil tussen gravelen en mountainbiken. Het gaat om de reis, niet om de bestemming. Je weet wel. En effectief elke fietser stopt ook bij het bord om van het panorama te genieten of om op adem te komen na de beklimming ernaartoe.

Oeps, kapotte binnenband

Ik speel al een tijdje haasje-over met een Waalse fietser en twee mannen van Geel. Tot ik plots mijn Waalse vriend tegenkom langs de kant. Lekke band en te veel vertrouwd op zijn tubeless setup, die helaas niet bestand blijkt te zijn tegen de verdwaalde nagel die zich door zijn band geboord heeft. De reservebinnenband waarmee ik hem depanneer, blijkt tot overmaat van ramp ook niet meer intact te zijn. Oeps. Ik zeg hem eerlijk dat ik het niet zie zitten om mijn laatste bandje ook nog af te geven, wat hij volledig begrijpt. In de plaats daarvan zoek ik op Google Maps op waar we zijn. Ergens tussen Tavigny en Cetturu, een kilometer of twee van de dichstbijzijnde weg. Aan die informatie heeft de onfortuinlijke fietser genoeg om het thuisfront te contacteren. Na de nodige succeswensen scheiden onze wegen en vervolg ik mijn pad.

Letterlijk en figuurlijk hoogtepunt

Intussen blijft de natuurpracht verbazen. Het water van de feeërieke Ruisseau de Boeur baant zich een weg langs gesteente en bomen. Af en toe neem ik een bruggetje, maar de ondiepe stukken pak ik gewoon mee door. Een volgend hoogtepunt is het Plateau des Tailles. De hoogvlakte, eveneens een beschermd natuurgebied, lijkt haast een kopie van de Hoge Venen. Een aantal fietsers stopt er voor de nodige kiekjes, maar om mijn ritme niet te verliezen, rijd ik gewoon door. In de plaats van foto’s te nemen, prent ik de mooie beelden in mijn geheugen. Het vele klim- en klauterwerk dicht bij de grens met Luxemburg kruipt intussen stevig in de benen. Ik loop dan ook wat achter op het vooropgestelde schema, maar vertik het om de kortere route te nemen. Het is hier veel te mooi. Dat zullen mijn neefjes heus wel begrijpen.

Laatste steile prik beloond met La Chouffe

Aan het einde van mijn tocht doemt de E25 autosnelweg op als herkenningspunt. In de wetenschap dat het centrum van Houffalize gevoelig lager gelegen is, soupeer ik mijn laatste krachten op richting het hoogste punt dat voor mij ligt. De afdaling richting Houffalize is snel, maar door schaduw en spoorvorming ook wat tricky. Bovendien wordt het tunnelzicht nog versterkt door de dichte begroeiing. Of die laatste steile prik achter de sporthal nog nodig is om het parcours extra schoonheid te geven, laat ik in het midden. De fietser, enfin, intussen wandelaar, voor mij lijkt in ieder geval niet akkoord. Het maakt de goodiebag aan de aankomst in ieder geval des te meer verdiend. Zoeken ze volgend jaar nog een slachtoffer, dan geef ik mezelf op als vrijwilliger. Liefst zonder verjaardagsfeestje, zodat ik op het terras nog een La Chouffe kan drinken. Dit jaar neem ik mijn exemplaar mee naar huis.

www.belgiangravelseries.be

Gerelateerde artikels