Deel dit artikel:

Rock-‘n-roll

Fietsen en muziek. Muziek en fietsen. Het gaat niet zelden hand in hand. En terecht. Denk maar aan de Gentse Zesdaagse. Daar hoor je veel ‘hoempapa’-spul maar (gelukkig) ook af en toe stevig gitaarwerk. Van ‘Heb je even voor mij?’ tot ‘Eye Of The Tiger’. Het is lang niet zo gek: op een velodroom geraak je nogal snel uitgekeken en een opzwepende tune lijkt me een ideaal middel om saaiheid te verdringen.

Muziek luistert mijn trainingen op de rollen op. In de wintermaanden beland ik als koukleum wel vaker op de rollen. Iedereen hààt het. Welnu, ik hou ervan. Al is er één voorwaarde namelijk steengoede muziek als begeleiding. Tot ergernis van mijn medemensen thuis ‘zing’ én trap ik dan luidkeels mee. Alsof mijn leven ervan afhangt. Een fietser zingt niet in de douche, wel op de rollen. Mijn medemensen kunnen het niet altijd waarderen. Intussen zijn mijn rollen en ik verbannen van de veranda naar de garage.

De track list is niet onbelangrijk. In die van Belgisch kampioen Stijn Devolder staat ondermeer AC/DC met ‘Wheels’ en ‘Thunderstruck’, Tina Turner met ‘Nutbush City Limits’, Black Sabbath met ‘Paranoid’ en ‘Black Betty’ van Ram Jam. In de teambus van Saxo Bank was vroeger ‘The Pretender’ van Foo Fighters hét nummer om de ploeg collectief op te laden. Ik snap het helemaal. Muziek geeft ook mij op een of andere gekke manier de power om nog even door te gaan, om in het donkerrood te gaan. Zou dat al wetenschappelijk zijn onderzocht? Volgens mij is de boostende rol van een sterke, opzwepende song niet te onderschatten.

Doe mij maar rock and roll. Met de ruige maar soms speelse gitaaraanslagen van Chuck Berry (‘Johnny B. Goode’) kom ik in het ritme. Met de ondergewaardeerde kauwgomballenrock van Eddie Cochran (‘Somethin’ Else’) zet ik een tandje bij. En met het gekrijs van Nirvana (‘Lithium’, ‘Territorial Pissings’, ‘Drain You’) fiets ik los door de muur. En als het vat af is of enkele minuutjes recuperatie welkom zijn, dan brengt Roy Orbison me in hogere sferen. Ik kan niet zonder fietsen. Ik kan niet zonder muziek. 

(Frederik Backelandt, Grinta! 23, 2011)