Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Grinta! Ouverture Ride

Als de natuurkrachten en zelfs de ministers meewerken, houdt niks ons nog tegen. En dus trekken we, twee jaar na de vorige editie, het voorjaar samen met de lezers op gang. Kleine weggetjes, draaien en keren, hellingen, kasseien en midden in het Geutelingenseizoen: dan weet je dat de koers weldra in Vlaanderen landt. Vergeet de Costa del Sol, Algarve of Oman: de échte Ouverture is bij ons.

Half februari zijn we. De kaartjes voor Valentijn staan nog te blinken in de woonkamer. Storm Eunice heeft op de vooravond van de Ouverture Ride lelijk huis gehouden en de Tiegemberg herschapen tot een houthoop. De Wielerbijlage van Het Nieuwsblad zit, net als bij vorige edities, net die ochtend in de brievenbus. Het bevat een vooruitblik op wat ons zo lief is: koersen over de Haaghoek, Muur, Paterberg en E3 col. Bij het aantrekken van de Futurum-beenstukken blijkt de L nog steeds voor Large te staan en niet voor Left, merk ik aan de positie van het logo. Te veel op de rollen gezeten wellicht? Gisteren nog reed ik op Makuri Island, waar ik temidden de neonlichten enkele ‘blokjes’ afhaspelde.

Koershonger

“Powerless” van Balthazar is het eerste liedje dat uit mijn luidsprekers galmt in de auto. Zou kunnen kloppen vandaag, vrees ik… Het is niet meteen het concept van deze #ridetogether ritten, maar het is zomaar mogelijk dat ik hier weggeblazen word. Gelukkig hoorde ik de Arrivée podcast met El Tractor. Bij minder presteren doe je er goed aan de reden extern te zoeken, dan wordt het zelfvertrouwen niet beschadigd. “De fiets niet gesmeerd, net een zware trainingsweek achter de rug, mijn doelen liggen later dit jaar: het kan dus vandaag niet vlot gaan.’. Bij enkele andere landgenoten gaat het wel al vlot: Bart Swings swingt zich tussen de massa naar goud, Remco rijdt de tegenstand op een hoopje in Portugal en Tim Wellens beleeft net als andere jaren zijn hoogtepunt als niemand anders in topvorm is… Man, ik kijk er naar uit. Nog meer na het annuleren van vorig jaar en de afgelasting van de X-Mass Ride in december. Het mag beginnen. Alles mag herbeginnen. Ik ben klaar voor de Ouverture.

Nr 51

Over exact een week sta ik ongeduldig als een klein kind in ’t Kuipke, halsreikend uitkijken naar mijn idolen, de gladiatoren van de Vlaamse wegen. Samen met mijn CST vol prikken, en een bende uitgelaten enthousiasten, maak ik er deel uit van de splitsing der werelden. Aan de ene kant: “steeds meer toegelaten”. Aan de andere kant van het drankhekken: de angst voor een positieve test waarvan je niet trager fietst, maar die het hen wel verbiedt. Het pleidooi van Wout om te stoppen met de testgekte is uiteraard honderd procent terecht. Vandaag scan ik de CST tickets bij de ingang van het Centrum Ronde van Vlaanderen. Allemaal groene schermpjes, driewerf hoera. Temidden de neussnuitangst en kuchvrees alleen maar ‘gezond verklaarde’ mensen, die zich tegoed doen aan koffie en chocoladekoeken. De deelnemers ontvangen hun Grinta petje gevuld met stuurbordje en wat energierepen. Kenny De Ketele, die vandaag meefietst, grijpt net naast het gewilde nummer 051. Hij die het wel krijgt, associeert 51 dan weer eerder aan pastis. Heiligschennis. Tegen negen uur is Storm Grinta klaar om vanuit het epicentrum Oudenaarde door de Vlaamse Ardennen te razen. Alhoewel, razen. Er worden geen topsnelheden verwacht vandaag.

De weg kwijt

“Is hier ergens een fietspomp?”. Terwijl in mijn rechter ooghoek de meute vertrekt zie ik links iemand paniekerig naar de fietspomp rennen. Een vergetelheid. Ketelken zelf snelt te hulp. Sympathieke mens, die Kenny. Even verderop, na een kilometer of twee, worden enkelen al meteen geconfronteerd met hun benen op de Wolvenberg. En hun neus op de feiten. En nog even verderop zakt een zadel weg tot op het frame. Dat wordt hier niet alleen een test voor de conditie, maar ook voor het materiaal. Het weer is ondertussen prachtig. Fris, dat wel. Maar een open hemel en een windsterkte die aanvaardbaar is. Zeker als er een peloton voor je rijdt dat de wind afschermt. Welke wind? We draaien en keren langs plekken waar ik de oriëntatie dreig te verliezen. Ik weet ‘ongeveer’ waar we zijn, en dat voelt heerlijk. Ik fiets over kasseien die ik niet meteen van een naam kan voorzien. Een unicum, heerlijk. Verder schuiven namen als Holleweg, Makkegem, Armekleie en Hol van Pluto voorbij. Vlaanderen. “Hoe ver nog naar de stop?”, vraagt iemand me. Ik check mijn fietscomputer. Hmm, vijfentwintig kilometer ver. “Nog vijftien ongeveer”, meld ik. “Als het zwaar is probeer je best wat meer op te schuiven naar voor”. “Ik geraak er niet, ik ben hier aan het afzien.”, is het antwoord. Storm Grinta zal alsnog meer schade dan verwacht teweegbrengen, vrees ik.

De iPhone

Ik duik de Haaghoek af met de remmen dicht en geraak nog redelijk vlot de eerste bult op. Altijd een goed teken. Wat een fantastische kasseistrook. We gaan voor één keer niet links de Leberg op, maar fietsen verder tot de laatste steen. Plaspauze, hergroeperen, lucht happen. “We fit together like a chain and lube”, stond er op mijn Valentijnskaart. Ze heeft er een concurrente bij, mijn eeuwige maîtresse, de Vlaamse Ardennen. Zeker als je na de eerste portie kasseien je fiets tegen de muur kan parkeren voor een geuteling uit het vuistje en koffie. In de tent: gezellig warm. Zéér gezellig warm. Dat we even moeten wachten op een fotograaf maakt de herstart bijgevolg fris. Temeer omdat de man komt opdraven met een iPhone als fototoestel… Het resultaat is vast te bezichtigen in de regionale pagina van de geutelingenstreek.

Snotvalling

“Man, we hebben geluk!” Gisteren storm, en nu prettig fietsweer. We gaan langs Elverenberg en Valkenberg, langs het Burreken en berg Ten Houte. Op de nieuwe aangelegde kasseien zit ik in het wiel van Kenny De Ketele. Hij kan niet door wegens te veel traag verkeer, dus ik kan er blijven zitten. Wel een beetje raar, dat je in november in ’t Kuipke met kippenvel staat te schreeuwen voor het afscheid van de man die nu vlak voor je fietst. Van zodra hij doorgang vindt, is hij riebedebie. Ik maak geen aanstalten. Ik heb ook op de Haaghoek al kunnen ervaren dat hij bij zijn wielerpensioen zijn fietsbenen niet kwijtgeraakte. En gisteren wellicht niet op Zwift heeft gezeten. Hij stoof me daar voorbij terwijl het niet de periode is om daags nadien met een verkoudheid op het werk te arriveren. “Sorry, ik ga vandaag niet komen werken. Ik ga me eerst laten testen, want ben gisteren door Ketelken voorbijgestoven…”. Boven op Berg Ten Houte zijn enkele bomen gesneuveld, liggen er takken en een elektriciteitsdraad in de gracht. De wind waait hier aardig op de snuit. Was deel één vooral kasseien, is deel twee van de rit vooral klimmen. Het peloton breekt en dan voel je ook de wind meer. De benen zijn niet goed, zoals voorspeld. “Gisteren zwaar getraind. Mijn doelen liggen later op het jaar, ik kan hier nog niet goed zijn.”. Externe attributie, heet zoiets volgens sportpsycholoog Jens Van Lier. Het werkt.

De W van Wout?

In het slot fietsen we langs de Muiterij, en via de Waaienberg (zeg dat wel) rond de Hotond. Tussendoor beleef ik mijn beste moment terwijl ik over de Donderij dender. Of was het dokkeren. Logisch dat ik met mijn loden benen op mijn best ben op een dalende strook. Het ritje leek misschien niet zo, maar met meer dan duizend hoogtemeters op 88 km was het nu ook niet van de poes. Het laatste stuk is echter afdalen en vlak. In een rotvaart naar beneden van de Nieuwe Kwaremont, doe je er wel goed aan je stuur stevig vast te hebben. De zijwind laat zich voelen. Die zijwind wordt echter een rugwind bij de haakse bocht bij Kerkhove. Stoempen wordt cruisen. Het stuur stevig vast, wordt handjes boven op het stuur. In een drafje naar Oudenaarde langs de finale van de Ronde. Tegen begin april zitten we met de stormnamen ergens achteraan in het alfabet gok ik. Bij de W misschien? Bij dezelfde windrichting als vandaag zie ik Storm Wout hier hoge toppen scheren.

100% afzien, 200% genieten

“Ik heb afgezien”, bekent de man naast me. “Het is nog vroeg op het seizoen hé”, antwoord ik. Dat afzien is niet erg, dat hoort erbij. In het CRVV, dat binnenkort trouwens verhuist, wachten manden vol sandwiches ons op. En vaten vol Kwaremont. Dozen vol prijzen ook, voor de tombola. Eventjes lijkt het op een knokpartij te eindigen als twee personen beweren met nummer 22 gereden te hebben. Geen idee wie het gevecht om de 100% bril heeft gewonnen. Honderd procent ben ik zelf ook nog niet, maar wat een boost krijg je toch van 200% genieten. Vergeet de Ruta, Algarve of Oman. Het voorjaar begint nu pas echt.