Deel dit artikel:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Eerste indruk: Yamaha biedt trio e-bikes aan

Na jaren samenwerking tussen de Japanse en Europese ingenieurs waren ze bij Yamaha trots dat ze eindelijk naar buiten konden komen met drie complete e-bikes onder hun eigen merk. De motoren hadden ze al, nu zijn er ook een e-MTB, -gravelbike en -toerfiets.

Het is typisch Japans om alles uitvoerig te testen vooraleer er voldoende vertrouwen is in de betrouwbaarheid en ermee op de markt te kunnen komen. Nochtans was Yamaha er in 1993 heel vroeg bij toen ze met de PAS de eerste gecommercialiseerde e-bike naar de consument brachten en in 1999 waren ze de eerste met een MTB-aandrijving. Dat bleek iets te vroeg, want in tussentijd kwamen onder meer Bosch, Shimano en Bafang hen het gras van voor de voeten wegmaaien. Intussen zijn we zoveel jaren later en laat Yamaha zijn PW-motoren in de Franse MBK-fabriek produceren, maar is ook de tijd gekomen om onder eigen vlag met complete fietsen naar buiten te komen. Hier houdt het overigens niet op, want bij de persintroductie werd er al gehint naar een speed pedelec met een Booster-achtig uiterlijk voor 2023 (de MBK Booster/Yamaha BW’s was vooral in de jaren ‘90 een enorm populair scootermodel met sportieve styling, red.). Dat belooft.

Dan rest natuurlijk de vraag hoe die fietsen aan de man worden gebracht. Daarvoor vertrouwt Yamaha op zijn uitgebreid netwerk van motodealers en op de kracht van het internet. Met die omnichannel-aanpak wil Yamaha een ruim bereik creëren, maar door zelfs bij een online verkoop de dealer, waar de fiets wordt geleverd, eenzelfde marge te bieden alsof hij de fiets zelf had verkocht, wil het Japanse merk duidelijk maken dat het zijn fysieke winkels niet passeert. Die winkels moeten Yamaha eBike Experience Centers worden, waar de koper de fietsen kan zien én testen, maar ook terecht kan voor onderhoud. Daarvoor worden grondige opleiding voorzien, zodat die dealers er klaar voor zijn. België zit trouwens bij de eerste regio’s waar de e-bikes zullen worden uitgerold. Dat zou rond maart 2023 moeten zijn.

1 motor, 2 fietsen

De Crosscore RC is de urban e-bike van het trio nieuwkomers en is een eenvoudige, cleane fiets met verrassend veel pit. Hij maakt namelijk gebruik van de populaire Yamaha PW-ST-aandrijving, die toch een stevige 70 Nm aan koppel kan leveren. Daarmee weet je meteen dat je in geen enkele situatie die je in de stad tegenkomt om power verlegen moet zitten. Dankzij een hellingsensor weet het systeem wanneer je bergop rijdt een dat komt vooral van pas in de automatische stand, want dan past hij het ondersteuningsniveau aan de omstandigheden aan. Hij geeft eveneens meer ondersteuning als je zelf harder aan het trappen bent. Zo moet je eigenlijk alleen nog denken aan het schakelen met de achterderailleur en doet het systeem de rest voor jou.

De batterij is uitneembaar.

De 500 Wh-batterij zit ingewerkt in de onderbuis maar is uitneembaar. Die Twin Tube-onderbuis zorgt bovendien voor extra stijfheid. Het laadpunt zit bovenaan, waar het beter beschermd is tegen spatwater. Voor een prijs van 2999 euro krijg je een krachtige e-bike met bevestigingspunten op het frame, zodat je gemakkelijk een bagagerek en spatborden kan monteren, met een Shimano 9-speed-groep (Alivio-derailleur). Tijdens onze korte testrit bleken de banden en het zadel relatief basic, maar profileerde de Crosscore zich wel als een leuke fiets die goed vooruitgaat en erg robuust aanvoelt.

De Crosscore is perfect voor stadsgebruik.
De Wabash nodigt dan weer uit tot avontuurlijker gedrag.

De Wabash RT maakt gebruik van dezelfde 3,4 kilo wegende PW-ST-aandrijfeenheid en dezelfde onderbuis. Alleen de bovenbuis loopt wat meer naar beneden, maar voor de rest is het frame quasi gelijk. De (basic) verende voorvork van de Crosscore wordt bij deze gravelbike verruild voor een starre aluminium vork en de onderdelen zijn duidelijk hoogwaardiger. Voor 3999 euro krijg je namelijk een betrouwbare Shimano GRX 600 11-speed-onderdelengroep, een Limotec dropper post die 40 mm kan zakken en bovendien een beetje vering geeft als je over oneffen wegdek rijdt (dat deed zijn werk en vonden we niet hinderlijk, terwijl de dropperfunctie handig was bij technische afdalingen), en een gravelstuur met redelijk wat flare (de onderste uiteinden van het stuur staan dus wat naar buiten). Op de vork en het frame zijn voldoende bevestigingspunten voorzien om rekjes, spatborden en andere attributen te monteren.

Het gewicht van 21,4 kilogram schrok ons wat af – en die last was ook voelbaar bij het opheffen, bij het (proberen te) springen over hindernissen en bij traag, technisch bochtenwerk – maar de krachtige PW-ST-motor ving dat vlot op. De 70 Nm bleek meer dan voldoende om overal gemakkelijk boven te raken. Handig is de automatische ondersteuningsmodus, die ervoor zorgt dat je niet constant moet zitten drukken op de knopjes. Alleen bij het in groep bergop fietsen vonden we die ‘automatic’ wat minder handig omdat het dan al snel schokkerig wordt: je moet de snelheid van de groep volgen, waardoor het systeem te vaak van ondersteuningsniveau wisselt en daardoor wat schokt. Wat we vaker merken bij e-bike-systemen, is ook hier aanwezig: als je stopt met trappen en dan weer opnieuw begint, ‘pakt’ de crankset soms pas na bijna een kwart omwenteling opnieuw. Bij een offroadgerichte fiets is dat wat minder handig. Bovendien was dat bij de e-MTB veel minder het geval. De starre, aluminium vork creëerde een relatief harde voorkant, waardoor we de bandendruk wat moesten laten zakken om niet te hard te stuiteren over hobbelig wegdek. Het zadel had trouwens iets kwalitatiever gemogen.

Eigenzinnige kijk op e-MTB

De Moro 07 (5499 euro) is duidelijk het vlaggenschip van het trio e-bikes. Dat zie je aan de eigenheid van het frame maar ook aan de onderdelen en de motor. Yamaha monteert namelijk zijn PW-X3-motor, de topper uit het gamma. Die levert 85 Nm koppel en is licht (2,75 kg) en compact. Speciaal voor deze fiets is een speciale MTB-modus uitgewerkt om je niet uit de bocht te duwen. Ook de automatische modus is hier aanwezig. De Shimano XT 12-speed-onderdelen zijn altijd betrouwbaar, terwijl RockShox de Lyrik Select-voorvork levert met 160 mm veerweg en een bijpassende Super Deluxe Select-achterdemper. Een telescopische zadelpen kan op zo’n mountainbike uiteraard niet ontbreken, en ook het zadel zelf is van betere kwaliteit dan bij de andere modellen, maar het opvallendst is de keuze voor de wieldiameter: 27,5 inch voor en achter, terwijl de algemene trend is om te kiezen voor een mullet (29” voor, 27,5” achter).

De gespleten bovenbuis creëert een eigen smoel.

Die wielkeuze kon ons aangenaam verrassen, want op een steile zandklim of een ruwe, met stenen of boomwortels bezaaide beklimming raakten we gewoon boven, terwijl de Moro 07 behendig was in het bochtenwerk en uitstekend zijn mannetje kon staan in de technische afdalingen. We voelden ons meteen thuis op de fiets, zeker nadat we de vork wat minder hard hadden afgesteld. De fiets en de kwalitatieve vering absorbeerden de oneffenheden in het terrein voortreffelijk, zodat we sneller en met meer vertrouwen daalden dan normaal. De opengewerkte bovenbuis met in het midden de achterdemper creëert een apart uiterlijk, wat de Yamaha een zekere herkenbaarheid schenkt.

De Moro 07 is er in twee kleuren en drie maten.

De motor lijkt net iets stiller dan de PW-ST en maakt hetzelfde, hoge geluid, maar hij is inderdaad wat krachtiger, zoals de extra 15 Nm koppel laat uitschijnen. Bovendien heb je nog meer standen om uit te kiezen. Toch kozen we voornamelijk voor de automatische stand omdat die perfect deed wat hij moest doen, namelijk altijd de juiste hoeveelheid ondersteuning bieden. Een schermpje met alle data heb je niet – Yamaha gaat ervanuit dat je op dit type fiets je eigen fietscomputer wil monteren – maar dankzij de kleurcodes op het display weet je wel in welke motorstand je zit. De lichtjes variëren van blauw (de lichtste standen) naar groen (de gemiddelde) en geel (de twee zwaarste standen). De automatische stand herken je aan het blauw met groen. Je kan het systeem trouwens verbinden met compatibele fietscomputers en apps via Bluetooth.

Geen computerdisplay maar gewoon lampjes om het batterijniveau en de ondersteuningsstand aan te geven.

Ondanks het gewicht van 23,9 kilo blijft dit een speelse fiets, zeker in afdalingen. De brede banden met agressieve noppen vangen stuurfoutjes gemakkelijk op, waardoor je met vertrouwen over technisch terrein dendert. We betrapten er ons tijdens de testrit, op een pittig parcours, op dat we extra obstakels benutten om een sprongetje te maken. Dat duidt op het onmiddellijke vertrouwen dat we bij deze fiets ervoeren en op de speelsheid.

Meer info