Eerst maar even over het milieu en je portemonnee. De monturen van de Naos-brillen zijn gemaakt van ‘bio-gebaseerde’ materialen terwijl de prijzen – naar hedendaagse normen – inderdaad best meevallen. Betaal je voor een sportbril van een A-merk (lees: de merken die je ook op de snuiten van de renners uit de World Tour aantreft) tegenwoordig gemakkelijk tweehonderd euro of meer, dan kost een Naos Helbo 100 euro met een standaard lens en 145 euro voor een exemplaar met een fotochromatische lens. De keuze bij Naos is sowieso vrij beperkt: downhillers en enduro-rijders gaan voor de Selva of de Virtaus goggles (de achtergrond van de oprichters van Naos ligt immers in de extremere varianten van de fietssport), wie op de weg rijdt kiest voor de Helbo of de iets duurdere Ziris (115 euro met een gewone lens en 160 euro met een fotochromatische lens).



Uniek, nieuw en/of vernieuwend zijn in de brillensector is lastig omdat door de overdaad aan merken en ontwerpen intussen alles wel al minstens één keer is geprobeerd. Qua design is de Naos Helbo dan ook niet revolutionair anders, je herkent er een vleugje 100% en een snuifje KOO in. Is dat erg? Nee, natuurlijk niet en over smaken en kleuren moet je sowieso niet discussiëren. Ondanks het vrij forse formaat weegt de Helbo een keurige dertig gram en hoewel de neusbrug en de pootjes niet instelbaar zijn, past de bril me meteen perfect en blijft hij ook bij ritten van zeven uur en meer netjes op zijn plaats staan zonder ergens te irriteren. Doorgaans ben ik niet zo’n fan van sportbrillen met heel grote lenzen, achter zo’n veranda’s kan het al snel warm worden. Dat valt bij deze Naos heel goed mee want de bril vindt een goede balans tussen bescherming bieden tegen de elementen en voldoende ventilatie zonder dat je ogen gaan tranen. Omdat van een beetje marketing nog nooit iemand dood is gegaan, doopte Naos zijn lenstechnologie ‘Lumitron’. Bekt goed en presteert ook goed want de lens werkt contrastverhogend en is op lange ritten heel rustgevend.

De Naos-brillen worden geleverd met een extra lens, een helder exemplaar. De lenzen verwisselen vraagt wel enige daadkracht, de eerste keer durf je er zoveel kracht niet op te zetten, maar het montuur is sterk genoeg. De brillen worden allemaal geleverd in een etui dat meteen ook als reinigingsdoek dienstdoet. Dat etui zit dan in een harde opbergbox die op zijn beurt nog eens in een grote, harde kartonnen box zit.
De Naos Helbo heeft mij bliksemsnel overtuigd met zijn draagcomfort en zijn meer dan degelijke lens. Het enige wat ik hoop is dat het Vlaamse bedrijf snel werk maakt van een full-frame bril. Offroad geef ik immers nog altijd voorkeur aan een bril met een volledig montuur sinds die keer dat ik in mijn eigen typische stijl lompweg overkop sloeg en de onderkant van de lens van mijn fietsbril mijn wang openhaalde. Maar voor de rest: goed bezig, Naos. Duimpje!
Meer info vind je op de website van Naos!




